
DEN HAAG - Zeeland moet oppassen dat het kabinet zich in de discussie over een verdere verdieping niet te veel laat leiden door Vlaamse belangen. Zeeuws landbouwvoorman H. Meijer en hoofd groene ruimte G. van Zonneveld van de Zeeuwse Milieufederatie (ZMF) laten allebei die waarschuwing horen.
Eensgezindheid
In politiek Den Haag heeft die eensgezindheid in Zeeland een grote rol gespeeld, menen Meijer en Van Zonneveld. Het kabinet weet zich bovendien op de vingers gekeken door de Europese Commissie. Zeker omdat Nederland onlangs nog door Brussel om tekst en uitleg is gevraagd over de gebrekkige natuurcompensatie bij de laatste Westerschelde-verdieping.
,,Maar``, waarschuwt Meijer, ,,wij hebben dan wel de eerste schermutselingen gewonnen, maar nog niet de hele slag.`` Hij is er zelf van overtuigd dat een verdere verdieping niet kan. De Westerschelde kan zo`n ingreep niet meer aan. En natuurcompensatie zal op land moeten worden gezocht, door ontpoldering. Voor landbouworganisatie ZLTO blijft dat onbespreekbaar.
Van Zonneveld vreest met Meijer dat Nederland uiteindelijk de oren te veel naar Vlaanderen laat hangen, vanwege `de goede verhoudingen`. ,,Al die studies zijn prima, maar veel zal van de onderzoeksopdrachten afhangen. Wat wordt er allemaal meegenomen? Dat moeten wij heel goed in de gaten houden.``
Het tijdschema waarbinnen de studies afgerond moeten zijn, vindt de ZMF-medewerker ook te krap. ,,Rijkswaterstaat is bezig de praktijkgevolgen van de afgelopen verdieping in kaart te brengen. Dat project loopt tot 2006. Het kabinet zou dat op z`n minst moeten afwachten.``