Financieel Dagblad, zaterdag 5 september 2009.
door Laurens Berentsen. (correspondent van Het Fïnancïeele Dagblad in Den Haag)
Westerschelde vraagt om sprint van marathonloopster Verburg
Minister Verburg moet staan voor het belang van de landbouw én de natuur. Een spagaat die leidt tot besluiteloosheid.
Gerda Verburg heeft niet de makkelijkste week
achter de rug. Danig in het nauw gebracht door de
Tweede Kamer tijdens het spoeddebat over de
Westerscheide-kwestie, werd de minister van
Landbouw, Natuurbeheer en Voedselkwaliteit (LNV)
donderdagavond onwel. Opposant Boris van der
Ham (D66) zag het gebeuren en vroeg om
schorsing van de vergadering. Ondersteund door
een bode verliet de minister de vergaderzaal. Na
een glas water in de ministers kamer wilde zij het
debat hervatten. Haar medewerkers achtten dat
niet verstandig en ook de Kamer voelde zich niet
vrij meer om de bewindsvrouw opnieuw het vuur na
aan de schenen te leggen.
Of de flauwte van de minister te maken had met de
benarde positie waarin zij al snel terechtkwam nadat
ze was begonnen met het beantwoorden van de
Kamervragen, is onduidelijk. Zeker is wel dat haar
abrupt afgebroken verdediging van het kabinets-
beleid inzake de compensatie van de natuur die
gevonden moet worden voor verdiepingvan de
Westerschelde, meer vragen opriep dan
beantwoordde. Terwijl het Westerschelde-dossier
op zich toch veel aspecten in zich heeft die de
minister van Landbouw en Natuurbeheer niet
vreemd zijn.
Bij de vraag of de Zeeuwse Hedwigepolder
teruggegeven moet worden aan het water, staan
landbouw — in dit geval een grootgrondbezitter en
een handvol Zeeuwse pachters — en natuur
lijnrecht tegenover elkaar. Een dilemma waar de
minister voor beide beleidsterreinen zich vaker voor
geplaatst ziet. En de zo heftig beleden Zeeuwse
emotie die het ondenkbaar maakt dat land wordt
opgegeven voor zee, is voor Verburg ook niet
nieuw.
Of het nu gaat om de mosselvisserij in de
Waddenzee, het afschieten van wilde zwijnen op de
Veluwe
of het onder water zetten van een polder, veel van de onderwerpen die de CDA-politica op haar bord krijgt, zijn overgoten met een forse scheut emotie.
De gebrekkige verdediging van het kabinetsstandpunt, voorzover Verburg daar donderdagavond aan toe kwam, voedt de bestaande vermoedens van tweespalt binnen het kabinet. Het is de vraag of de bewindsvrouw zelf geporteerd is van de jongste kabinetsoplossing voor natuurcompensatie voor de verdieping van de Westerschelde; haar ambtenaren voor natuurbeheer lijken dat in ieder geval niet te zijn.
Het kabinet kwam in april terug van de in een verdrag met België vastgelegde inundatie van de Hedwigepolder. Na actieve bemoeienis van premier én Zeeuw Jan Peter Balkenende kwam daar een dubbelbesluit voor in de plaats. Het kabinet sprak de voorkeur uit voor buitendijkse natuur-compensatie in de vorm van de aanleg van schorren. Mocht dit alternatief te weinig effect sorteren voor het Europees beschermde natuurgebied, dan zou alsnog kunnen worden teruggevallen op het doorsteken van de dijken rond de Hedwigepolder.
Tot stomme verbazing van een groot deel van de Tweede Kamer zijn de ambtenaren op het ministerie van LNV ruim vier maanden na het april-besluit nog niet verder gekomen dan het formuleren van een onderzoeksvraag naar de haalbaarheid van het buitendijkse alternatief. Een oplossing overigens, die eerder al door twee onderzoekscommissie werd verworpen. In oktober zou een derde commissie zich erover kunnen buigen. Terwijl de tijd toch dringt. Nederland heeft Vlaanderen bij herhaling beloofd vóór 1 januari te beginnen met het uitdiepen van de Westerschelde. Daarmee komt het terugvalscenario van ontpolderen met rasse schreden dichterbij.
De ongebruikelijke interventie van Balkenende heeft niet alleen bij de oppositie vragen opgeroepen maar ook tot verbazing geleid bij de regerende ChristenUnie. Kamervragen daarover moest de premier donderdag onbeantwoord laten door het voortijdige einde van het spoeddebat.
Als landbouwminister kan boerendochter Verburg een potje breken bij haar natuurlijke achterban, het georganiseerde landbouwbelang. Dat geldt zeker als op Prinsjesdag blijkt dat ze erin is geslaagd de Garantstelling Landbouw te verruimen. Dat is een regeling waarbij de Staat garant staat voor kredieten aan agrariërs. Volgens de sector is verruiming broodnodig wegens de economische crisis en zij gaat er dan ook alvast van uit dat Verburg dit binnenhaalt bij het ministerie van Financiën.
Natuurbeheer daarentegen is niet het sterkste onderdeel van de portefeuille van de minister. Ze kreeg op dit punt zelfs een onvoldoende toen het kabinet zich dit voorjaar verantwoordde voor de voortgang die is geboekt voor dit beleidsdoel. Op dit terrein treft ze regelmatig de landbouworganisaties tegenover zich aan. Maar het is vooral de natuur- en milieubeweging die haar verwijt te weinig voor de natuur te doen en haar oren te veel te laten hangen naar de landbouwlobby.
Een zekere mate van besluiteloosheid is het resultaat, luidt de gedeelde klacht van beide lobbyfronten. Dat breekt de bewindsvrouw opnieuw op in het Westerschelde-dossier, waarin ze de regie verloor aan de minister-president. Marathonloopster Verburg, die zich vrijdag weer op haar ministerie meldde, moet een sprintje gaan trekken om links of rechtsom in ieder geval de Vlamingen tevreden te stellen.
Laurens Berentsen is correspondent van Het Fïnancïeele Dagblad in Den Haag.
